Staatsexamen NT2, onderdeel I&II (taalniveauB1,B2)

Doelgroep 

In dit traject maken we onderscheid tussen onderdeel I en het vervolg onderdeel II.

Onderdeel I

Om deel te nemen aan onderdeel I dient een cursist te beschikken over niveau A2.

Het is bedoeld voor cursisten die het staatsexamen NT2 willen behalen op B1-niveau en hiermee hun niveau van de Nederlandse taal op de onderdelen spreken, schrijven, lezen en luisteren willen verhogen naar B1-niveau.

Met een diploma op taalniveau B1 voldoet een cursist aan de inburgeringsplicht en kan hiermee een opleiding volgen op MBO niveau.
Concreet gezien gaat het om cursisten die het Nederlands niet als moedertaal hebben en willen bewijzen dat ze de Nederlandse taal dusdanig beheersen om deel te nemen aan werk of een opleiding.

Onderdeel II

Onderdeel II is bedoeld voor cursisten die het staatsexamen NT2 willen behalen op B2-niveau en hiermee hun niveau van de Nederlandse taal op de onderdelen spreken, schrijven, lezen en luisteren willen verhogen naar B2-niveau.

Om deel te nemen aan programma II dient een cursist te beschikken over taalniveau B1.

Met een diploma op taalniveau B2 voldoet een cursist evens aan de inburgeringsplicht en kan hiermee een opleiding volgen op Mbo, Hbo of Wo niveau.

Leerdoelen

Onderdeel I

Belangrijke onderdelen in dit onderdeel zijn grammatica, spelling, begrijpend lezen, uitspraak e.d. Thema’s die hierbij aan bod komen zijn onderwijs, immigratie, emotie, relaties e.d.

We besteden ook veel aandacht aan taalhandelingen, zoals korte presentaties.

Ten slotte oefent de cursist met opdrachten en voorbeeldexamens voor het staatsexamen onderdeel I.

De cursist leert ongeveer 700 nieuwe woorden en thema’s die hierbij aan bod komen zijn onderwijs, immigratie, positief, sociaal e.d.

Onderdeel II

In dit onderdeel gaan we dieper in op alle onderdelen, in het specifiek op het onderdeel grammatica. We behandelen werkwoorden als ‘zullen’, ‘zou’, ‘er’, relatieve zinnen, conjuncties, adverbia e.d.

We werken aan de onderdelen lezen, spreken, schrijven aan de hand van het standaard in beginsel, maar ook aan de hand van bronnen op het internet, in kranten en uit videomateriaal.

We gaan wat dieper in op taalhandelingen, zoals lange presentaties.

Ten slotte oefent de cursist met opdrachten en voorbeeldexamens voor het staatsexamen onderdeel II.

Methode

Voor het traject staatsexamen werken we bij Start met Taal in beginsel met twee erkende lesmethoden, namelijk met Nederlands in Gang voor cursisten die onderdeel I volgen en Nederlands op niveau voor cursisten die programma II volgen.

De bedoeling is dat we uiteindelijk overgaan op één lesmethode, dit is afhankelijk van de ervaring en voortgang van de cursisten en docenten met het lesmateriaal.

De lesmethoden bestaan uit diverse thema’s met oefeningen gericht op de praktijk en zijn inclusief e-learning, waarbij we gebruik maken van een computer.

Het accent ligt op grammatica, spelling, uitbreiding van de woordenschat en de vaardigheden spreken, schrijven, lezen en luisteren.

Duur traject

Het traject staatsexamen NT2 duurt gemiddeld gezien het kortst, namelijk 6-12 maanden.

Algemeen: groepsgrootte, lesuren

Voor alle trajecten geldt dat de groepen klein (met maximaal 10 cursisten) en homogeen worden gehouden. Verder krijgt de cursist drie dagdelen per week les, inclusief een halfuur pauze. Per week heeft een cursist negen lesuren.

Start met Taal © 2018 All rights reserved. Terms of use and Privacy Policy